In de tijd van het Los Vast avontuur studeerde ik aan de Pedagogische Academie, afgekort PEDAC. Ik studeerde voor leerkracht basisonderwijs. Je zou het nu de PABO noemen.
Ik kwam daar los na een uiterst moeizame lagere- en middelbare schoolperiode. De mensen accepteerden me zoals ik was. Ik kreeg een leuke studiegroep. Het werden vrienden. Ik bleek grappig en ad rem te kunnen zijn, kreeg meer durf. De studievrienden spoorden me aan om vooral wat meer te gaan doen met het zingen, want dat durfde ik inmiddels ook.
We keken uit naar een schoolfeest. Daar zou een Helderse band optreden; Cajun en ik was hun voorprogramma. Midden in De Kuip zat ik. Op een barkruk. Met gitaar en trillende handen. Ik zong mijn folkliedjes, kreeg applaus en genoot van het succes. De band heb ik daarna niet meer zo meegekregen, zat in mijn eigen bubbel, heb de bandleden ook niet gesproken. De avond was een groot feest en er werd afgesproken dat Cajun nog eens zou komen optreden. Daarvoor zou er telefonisch contact gezocht worden.
Op een dag hing er een briefje op het prikbord in de hal naast de telefooncel. “Het is voor jou!”, werd er her en der geroepen. Een van de bandleden had gebeld. Het ging niet over het optreden maar over mij! Ze wilden me als zangeres. Mijn studiegenoten waren bijna nog blijer dan ikzelf. Ik had dit nooit bedacht en nooit verwacht.
Er kwam nog meer contact over en weer en er werd afgesproken dat ik een keer bij de repetitie zou komen zingen. Dat was wel een dingetje. Doodeng! Wat moet ik aan? Wat moet ik zingen? Wat moet ik zeggen? Op van de zenuwen was ik, maar ik ging toch. Het hol van de leeuw in. Wat was het donker! En wat waren ze met veel! Een hoop gepraat en veel, heel veel zwart haar. Veel geluid. Veel instrumenten. Het overweldigde me totaal.
Totdat ik ging zingen. Ik weet niet meer wat, maar op een gegeven moment zei Boetje (onze bijnaam voor Simon Lewakabessy): “Zij kan leuk zingen deze meisje!” Mijn auditie was geslaagd. Ik was voortaan de zangeres van Cajun.
V.l.n.r. Harold Flamand (basgitaar), Simon (Boetje) Lewakabessy (slaggitaar), Ed Boerrigter (drums), Roy Paap (pedal steel), Cor Forée (geluid), Ralph Paap (leadgitaar) en ik.
Liggend: Will Claase (gitaar en zang).
De optredens vlogen binnen! Een greep uit onze podia:
• 4 maart 1978: Mike’s bar oftewel ‘Den Grooten Gok’. Mijn debuut als bandzangeres. Mike was jarig en had een koud buffet neergezet in een hoek van zijn overigens kleine café. De band werd in een andere hoek gepropt. Drummer Ed zat bovenop het biljart. We speelden voor een besloten kring, voornamelijk Amerikanen. De avond was een groot succes. Op een gegeven moment zong iedereen mee met Mike die ‘isn’t she loveley’ voor mij zong. Ik wilde nooit meer iets anders dan dit.
• 16 maart 1978: De Boerderij De Schooten
• 17 maart 1978: Korporaalsfeest Marine
• 31 maart 1978: O.S.G. Nieuwediep (M’n ouwe school! Ja jongens! Kijk maar goed!)
• 1 april 1978: Driel (Zaal/café Bulte-Spies)
• 19 mei 1978: De Zandloper (Mijn vader was een stille man, zei nooit veel. Bij dit optreden in De Zandloper was hij mee. Dit moment kan ik me nog goed herinneren. Hij had een borrel op en vertelde me dat hij trots op me was. Dat was de eerste en enige keer.
V.l.n.r. Mijn zus Siep, haar vriendin (naam weet ik niet meer), mijn vader Yntze Bergsma, ik, mijn moeder Trees Bergsma-Heeringa.
Op zaterdag 11 maart 1978 waren we geboekt voor een avond in ’t Huys Tijdverdrijf. Het is in 1998 gesloopt, maar het was een groot gebouw vlak naast de Helderse dijk.
Ik vond dat ik wel een andere garderobe mocht aanschaffen voor dit grootse optreden. Daar kon ik niet in mijn gewone outfit staan. Ik was nu zangeres! Ik moest iets nieuws!
De stad in. Winkel in, winkel uit. Wat moet je nou aanschaffen voor zoiets? Bij ‘Van Vuuren Mode’ vond ik het ultieme jurkje! Wit. In een A-lijn. Een wat? Een A-lijn. Ik vond ‘m precies bij me passen. Het was trouwens geen jurk maar een japon. En dat voor 139 gulden! Best pittig. Ik kreeg de jurk, pardon japon mee in een grote doos, in een grote tas.
Nu ik toch bezig was vond ik dat ik daar ook wel nieuwe schoenen bij mocht kopen. Die vond ik bij V&D, bovenste verdieping, op de schoenenafdeling. Prachtig bewerkte bruinleren sandaaltjes. Een perfecte match bij mijn ju… japon. Ik zie me nog op mijn hurken bij het schap zitten, de doos met schoenen oppakken en naar de kassa lopen. Thuisgekomen liet ik mijn moeder trots mijn schoenen zien.
“Mooi!”, was haar reactie, “en waar is je jurk?” Ik werd ijskoud en onder mijn voeten verdween langzaam de grond. Ik zei toen nog geen shit, maar dat was wel precies de uitdrukking die hierbij paste. Mijn dure jurk! Die lag nog bij het schoenen schap in V&D. Shit! Die was natuurlijk weg! Die was vast meegenomen door iemand…
Het telefoonboek werd tevoorschijn gehaald en V&D werd gebeld. Een lieve verkoopster had de tas gevonden en voor me weggezet achter de kassa. Ik was zo opgelucht! Het kostte me wel weer een ritje op mijn brommer naar Den Helder (ik woonde in Julianadorp), maar dat kon me natuurlijk niks schelen. Ik had mijn jurk en kon gaan stralen in ’t Huys Tijdverdrijf.
(Op de foto met mijn vader in De Zandloper heb ik ook dit jurkje aan.)
11 maart 1978: Hanneke met Cajun in 't Huys Tijdverdrijf Den Helder.
© 2025 Hanneke Bergsma | Ontwerp en realisatie door Lloyd Paap